beantwoord

Geld terug bij treinuitval (Traject Vrij)

  • 2 februari 2015
  • 73 reacties
  • 4287 Bekeken


Toon eerste bericht

73 reacties

Wat denk je ?


Daarbij stellen de Europese regels dat bij een vertraging van 60 minuten of meer 25% van de kosten van het vervoerbewijs moeten worden vergoed. Bij een vertraging van 120 minuten of meer moet 50% worden vergoed.

Die bedragen gelden alleen als de reis ook wordt afgemaakt. Wie bij een te verwachten vertraging van meer dan 60 minuten ervoor kiest de reis niet te maken of af te breken (en eventueel terug te reizen naar het vertrekstation), heeft recht op een vergoeding van 100%:


Indien redelijkerwijs verwacht kan worden dat de vertraging bij aankomst op de eindbestemming krachtens de vervoerovereenkomst meer dan 60 minuten zal bedragen, krijgt de reiziger onmiddellijk de keuze tussen:

a) terugbetaling van de volledige kostprijs van het vervoerbewijs, onder de voorwaarden waarop het is betaald, voor de niet gemaakte gedeelten van hun reis en voor de reeds gemaakte gedeelten indien de reis niet langer aan enige bedoeling beantwoordt in verband met het oorspronkelijke reisplan van de reiziger, samen met, voor zover relevant, een retourdienst naar het eerste vertrekpunt bij de vroegste gelegenheid. De terugbetaling geschiedt onder dezelfde voorwaarden als de betaling van schadevergoeding bedoeld in artikel 17.

Voor de volledigheid: artikel 17 meldt over de betaling van schadevergoeding:


2. De vergoeding van de prijs van het vervoerbewijs wordt betaald binnen een maand na de indiening van het verzoek om schadevergoeding. De schadevergoeding kan in bonnen en/of andere diensten worden uitbetaald indien de voorwaarden soepel zijn (met name wat betreft de geldigheidsduur en de bestemming). De schadevergoeding wordt op verzoek van de reiziger uitbetaald in geld.
3. De vergoeding van de prijs van het vervoerbewijs wordt niet verminderd met financiële transactiekosten zoals vergoedingen, telefoonkosten of zegels. De spoorwegondernemingen kunnen een minimumdrempel invoeren waaronder geen schadevergoeding wordt uitbetaald. Deze drempel bedraagt niet meer dan 4 EUR.
4. De reiziger heeft geen recht op schadevergoeding indien hij alvorens het vervoerbewijs te kopen op de hoogte is gesteld van de vertraging, of indien de aankomsttijd door voortzetting met een andere dienst of langs een andere route minder dan 60 minuten werd vertraagd.

Bovendien maakt artikel 16 (anders dan artikel 17) geen onderscheid tussen abonnementen en eenmalige vervoerbewijzen. Er staat slechts "vervoerbewijs". Uit de definities blijkt duidelijk de abonnementen als een vorm van een vervoerbewijs gelden:


„reispasje” of „abonnement”: een vervoersbewijs voor een onbeperkt aantal reizen, dat de rechtmatige houder toestaat met de trein te reizen op een bepaald traject of net gedu- rende een bepaalde periode;

Artikel 16 geldt dus onverkort voor abonnementhouders. Je schemaatje is dus onjuist: waar staat "geen vergoeding" moet staan "vergoeding".

Tom, kan je antwoord op mijn vraag van post 43 geven?

Je stelt dat een abonnement houder geen vergoeding krijgt bij uitval volgens de Europese regelgeving, je hebt je schemaatje zelfs als beste antwoord bestempelt, maar er staat duidelijk in de regelgeving dat de abonnementhouder bij uitval WEL voor vergoeding in aanmerking komt.


Hi Niek, klopt, de Europese regels stellen dat er bij 'herhaaldelijke vertraging' een passende compensatie gegeven moet worden, m.a.w. als het om een incidentele vertraging op een bepaald traject gaat, verplichten de regels niet tot compensatie.

NS doet dit uit coulance juist wel, ook al is het een incidentele (dus niet structurele) vertraging.

Nee, dit is geen coulance maar een verplichting, aangezien de enige regeling die jullie hebben die abonnementhouders de mogelijkheid biedt om een vergoeding te vragen voor herhaaldelijke vertraging, is, om voor elke vertraging apart restitutie te vragen.

Merk ook op dat alleen vertragingen zijn uitgezonderd waarvan de reiziger op de hoogte was gesteld vóór aanschaf van het vervoerbewijs. Aangezien NS reizigers pas 10 dagen van tevoren op de hoogte brengt van werkzaamheden, telt voor abonnementhouders vanaf 10 dagen na aanschaf van het abonnement ook vertraging ten gevolge van geplande werkzaamheden mee.


Daarbij stellen de Europese regels dat bij een vertraging van 60 minuten of meer 25% van de kosten van het vervoerbewijs moeten worden vergoed. Bij een vertraging van 120 minuten of meer moet 50% worden vergoed.

Die bedragen gelden alleen als de reis ook wordt afgemaakt. Wie bij een te verwachten vertraging van meer dan 60 minuten ervoor kiest de reis niet te maken of af te breken (en eventueel terug te reizen naar het vertrekstation), heeft recht op een vergoeding van 100%:


Indien redelijkerwijs verwacht kan worden dat de vertraging bij aankomst op de eindbestemming krachtens de vervoerovereenkomst meer dan 60 minuten zal bedragen, krijgt de reiziger onmiddellijk de keuze tussen:

a) terugbetaling van de volledige kostprijs van het vervoerbewijs

Dan vraag je toch af wat voor juristen de NS in dienst heeft, als ze de Europese regelgeving klink en klaar tegenspreken.

Ik voorspel dat de NS volgend jaar weer de maximale boete moet gaan betalen (http://www.volkskrant.nl/economie/maximale-boete-voor-ns-vanwege-ontevreden-klanten~a3850017/). NS: jullie krijgen genoeg feedback en concrete voorstellen voor verbetering, doe er wat aan.

De financieel directeur wil meer reizigers trekken om de kosten te kunnen dekken, alsof de treinen nog niet vol genoeg zitten. Als ze nou eerst eens zorgden voor tevreden reizigers, lijkt mij belangrijker.
Reputatie 6
Badge +2
Merk ook op dat alleen vertragingen zijn uitgezonderd waarvan de reiziger op de hoogte was gesteld vóór aanschaf van het vervoerbewijs. Aangezien NS reizigers pas 10 dagen van tevoren op de hoogte brengt van werkzaamheden, telt voor abonnementhouders vanaf 10 dagen na aanschaf van het abonnement ook vertraging ten gevolge van geplande werkzaamheden mee.
Tenzij je redeneert dat zolang er geen min of meer definitieve dienstregeling is (10 dagen van tevoren) er niet iets is om later een vertraging aan te relateren. Dus dat het meer dan 10 dagen van tevoren kopen van een vervoerbewijs (zoals bij het kopen van een vervoerbewijs dat meer dan 10 dagen geldig is) wat dat betreft op eigen risico is.
Het lijkt me niet de strekking van het artikel dat de reiziger dient te wachten met het aanschaffen van een vervoerbewijs totdat het de vervoerder heeft behaagd de reiziger te informeren over de "min of meer definitieve dienstregeling".
Resumerend hebben we dus een kleine twee weken moeten wachten op een reactie (van Tom) waarin de NS wederom de regels eenzijdig en te beperkt interpreteert.
Daarnaast komt men met nieuwe voorwaarden, namelijk de restitutie van 1/250 van het abonnementsgeld die zal worden uitgekeerd aan houders van Traject Vrij die een reis hebben gemaakt of de intentie hadden deze reis te maken maar daarvan hebben afgezien vanwege een vertraging van 60 minuten of meer.
Nog even afgezien van de merkwaardige voorwaarde die Tom hier introduceert dat reizigers voor niets naar het station zouden moeten afreizen om die intentie kenbaar te maken, wordt bij mijn weten zowel bovenstaande regeling als het te vergoeden bedrag (1/250 deel van het abonnementsgeld van Traject Vrij) nergens expliciet gecommuniceerd op de website van de NS. (zo staan hier bijvoorbeeld andere bedragen vermeld)

Dit roept bij mij de volgende vragen op:
  1. Kunnen we, dit keer bij voorkeur wat sneller, een inhoudelijke reactie krijgen op reactie 52 van Pe_pe waarin hij aangeeft dat de interpretatie van de Europese verordening wederom eenzijdig en te beperkt is?
  2. Wordt in de algemene voorwaarden explicieter opgenomen in welke gevallen de reiziger recht heeft op restitutie en wat de omvang is van die restitutie?
  3. Worden de medewerkers van de klantenservice op de hoogte gebracht van deze voorwaarden om te voorkomen dat zij wederom abusievelijk gaan beweren dat de reiziger kan fluiten naar restitutie zoals, zowel op dit forum als op twitter (en vermoedelijk ook telefonisch), in diverse gevallen is gebeurd bij reizigers die naar aanleiding van de situatie op 2 februari jongstleden terecht (zoals nu door Tom is erkend) aanspraak wilden maken op restitutie maar desondanks toch met een kluitje in het riet werden gestuurd?
  4. Komt er nog een klantvriendelijker en gestandaardiseerde vorm om dit soort verzoeken in te dienen zodat het resultaat minder afhankelijk wordt van willekeur?
Tenzij je redeneert dat zolang er geen min of meer definitieve dienstregeling is (10 dagen van tevoren) er niet iets is om later een vertraging aan te relateren. Dus dat het meer dan 10 dagen van tevoren kopen van een vervoerbewijs (zoals bij het kopen van een vervoerbewijs dat meer dan 10 dagen geldig is) wat dat betreft op eigen risico is.

Het abonnement als kansspel?
Reputatie 6
Badge +2
Tenzij je redeneert dat zolang er geen min of meer definitieve dienstregeling is (10 dagen van tevoren) er niet iets is om later een vertraging aan te relateren. Dus dat het meer dan 10 dagen van tevoren kopen van een vervoerbewijs (zoals bij het kopen van een vervoerbewijs dat meer dan 10 dagen geldig is) wat dat betreft op eigen risico is.
Het abonnement als kansspel?

"Als NS de voorwaarden van uw Abonnement wijzigt en de wijziging een wezenlijke afwijking van de overeengekomen prestatie betreft, heeft u het recht het Abonnement onmiddellijk op te zeggen". Een (permanente of langdurige) drastische beperking van de dienstregeling valt daar misschien ook wel onder.
Reputatie 6
Badge +1
Nog maar eens een poging op dit topic onder de aandacht te brengen...
Zal wel weer vergeefse moeite zijn, moderators lezen dit toch ? Zien toch de terechte vragen van 2 Super Members ?
Zal wel weer vergeefse moeite zijn, moderators lezen dit toch ? Zien toch de terechte vragen van 2 Super Members ?

Ik vrees dat mijn vragen stilzwijgend beantwoord zijn met:

  1. Nee, de inhoudelijke reactie op reactie 52 van Pe_pe waarin hij aangeeft dat de interpretatie van de Europese verordening wederom eenzijdig en te beperkt is, gaan we niet krijgen.
  2. Nee, in de algemene voorwaarden zal niet explicieter worden opgenomen in welke gevallen de reiziger recht heeft op restitutie en wat de omvang is van die restitutie. NS wil immers geen slapende honden wakker maken.
  3. Nee, de medewerkers van de klantenservice worden niet op de hoogte gebracht van deze voorwaarden. Ze worden juist aagemoedigd om abusievelijk te beweren dat de reiziger kan fluiten naar restitutie, dat scheelt weer in de kosten.
  4. Nee, in lijn met de bovenstaande antwoorden komt er zeker geen klantvriendelijker en gestandaardiseerde vorm om dit soort verzoeken in te dienen.
Exact 1 maand later en weer een grote storing! Ik neem aan dat de NS grootse communicatie opzet om het recht op restitutie in deze situatie onder de aandacht te brengen. Graag hoor ik van de NS welke communicatie ze hier ingezet heeft.
Reputatie 2
Ik heb nog een nuancering van onze juridische afdeling ontvangen. Het schema uit mijn eerdere reactie klopt wel degelijk. Artikel 16 van de Verordening is niet van toepassing op abonnementen. Dit volgt uit de opzet en systematiek van artikel 16 en 17 van de Verordening. In de Verordening en zo ook in artikel 17 van de Verordening wordt een expliciet onderscheid gemaakt tussen incidentele vervoerbewijzen en abonnementen. Dit onderscheid wordt niet gemaakt in artikel 16, dat in de volgorde vóór artikel 17 komt. Uit deze wetsystematiek volgt dat artikel 16 niet van toepassing is abonnementen. Als de wetgever hier wél voor had gekozen, dan zouden abonnementen expliciet worden genoemd in artikel 16, net zoals in artikel 17. Dit is echter niet het geval. De Europese Commissie heeft er bewust voor gekozen dit niet te doen.

Een dergelijke verplichting kan in ieder geval niet worden geconstrueerd door de definitie van “abonnement” zo te lezen dat er ook sprake is van een abonnement in het geval van een incidenteel vervoerbewijs. Uit de definitie van abonnement volgt namelijk dat een abonnement een onbeperkt aantal reizen betreft. Het gaat in artikel 16 zoals gezegd om de terugbetaling (dus niet een vergoeding) van een incidenteel vervoerbewijs waar de reiziger in het concrete geval al voor heeft betaald, omdat hij de reis niet gaat maken. NS houdt zich hiermee aan de Verordening.

Wanneer je recht hebt op geld terug bij vertraging en wanneer juist niet, en de hoogte van het bedrag, vind je hier.
Wat probeer je te zeggen Tom? Dat een abonnement houder geen reiziger is? Dat artikel 16 niet van toepassing is op abonnement houders? Dat een abonnementhouder dus niet om mag reizen in geval van verstoring, alleen incidentele reizigers mogen dat? Dat een abonnementhouder geen recht heeft op een vergoeding als er uitval is?

Het schema uit mijn eerdere reactie klopt wel degelijk.


In artikel 17 staat duidelijk:

"Reizigers in het bezit van een reispasje of een abonnement die herhaaldelijk geconfronteerd worden met vertragingen of UITVAL gedurende de looptijd ervan, kunnen om passende schadevergoeding verzoeken overeenkomstig de regelingen inzake schadevergoedingen van de spoorwegonderneming. In deze regelingen worden de criteria inzake vertragingen voor de berekening van de schadevergoeding vastgesteld. De schadevergoeding voor vertraging wordt berekend in verhouding tot de prijs die de reiziger effectief betaalde voor de vertraagde dienst."

Ik heb het woord uitval even in hoofdletters voor je gezet en alle relevante passages onderstreept, want daar heb je blijkbaar overheen gelezen. Je tabelletje dat een abonnement houder geen recht heeft op vergoeding klopt dus niet.

En dat je een abonnementhouder niet als een reiziger classificeert, hoe kom je op het idee? Dus alle andere artikelen die naar reizigers verwijzen zijn ook niet van toepassing op abonnementhouders? Ik ben geen reiziger? Bedankt voor de belediging, voor een waardeloze behandeling van de vaste klant.
Artikel 16 (Terugbetaling of vervoer langs een andere route) gaat over REIZIGERS ("Indien redelijkerwijs verwacht kan worden dat de vertraging bij aankomst op de eindbestemming krachtens de vervoerovereenkomst meer dan 60 minuten zal bedragen, krijgt de reiziger onmiddellijk de keuze tussen").

In artikel 17 (Vergoeding van de prijs van het vervoerbewijs) wordt er specifieker op lid 16a ("De terugbetaling geschiedt onder dezelfde voorwaarden als de betaling van schadevergoeding bedoeld in artikel 17") ingegaan ("Reizigers in het bezit van een reispasje of een abonnement die herhaaldelijk geconfronteerd worden met vertragingen of uitval gedurende de looptijd ervan").

Je stelling "Artikel 16 van de Verordening is niet van toepassing op abonnementen." klopt dus ook niet, artikel 16 is wel degelijk van toepassing op abonnementen. Het artikel verwijst zelfs naar een ander artikel waar duidelijk wordt genoemd dat onder reizigers ook bezitters van een reispasje of abonnement wordt verstaan.

Overleg maar weer met die juristen en wijs ze even op lid 16 a, waarin verwezen wordt naar artikel 17.
Artikel 16 van de Verordening is niet van toepassing op abonnementen. Dit volgt uit de opzet en systematiek van artikel 16 en 17 van de Verordening. In de Verordening en zo ook in artikel 17 van de Verordening wordt een expliciet onderscheid gemaakt tussen incidentele vervoerbewijzen en abonnementen. Dit onderscheid wordt niet gemaakt in artikel 16, dat in de volgorde vóór artikel 17 komt. Uit deze wetsystematiek volgt dat artikel 16 niet van toepassing is abonnementen. Als de wetgever hier wél voor had gekozen, dan zouden abonnementen expliciet worden genoemd in artikel 16, net zoals in artikel 17. Dit is echter niet het geval. De Europese Commissie heeft er bewust voor gekozen dit niet te doen.
In artikel 17 wordt een onderscheid gemaakt tussen vervoerbewijzen in het algemeen en abonnementen, omdat dat onderscheid relevant is voor de toepassing van artikel 17: Reizigers in het bezit van een vervoerbewijs dat géén abonnement is die herhaaldelijk geconfronteerd worden met vertragingen of uitval gedurende de looptijd ervan, kunnen niet om passende schadevergoeding verzoeken overeenkomstig de regelingen inzake schadevergoedingen van de spoorwegonderneming. Reizigers met een abonnement als vervoerbewijs kunnen dat wel.

Merk op dat in artikel 17 geen bepalingen staan die exclusief van toepassing zijn op incidentele vervoerbewijzen.

In artikel 16 wordt bewust géén onderscheid gemaakt tussen vervoerbewijzen in het algemeen en abonnementen. Dat betekent dat artikel 16 voor beide soorten vervoerbewijzen van toepassing is.

Volgens jouw redenering zou je net zo goed kunnen stellen dat artikel 16 vanwege het ontbreken van een onderscheid juist alleen van toepassing is op abonnementen en niet op incidentele vervoerbewijzen. In die afleidingsmanoeuvre van door NS ingehuurde juristen trappen we dus niet.

Een dergelijke verplichting kan in ieder geval niet worden geconstrueerd door de definitie van “abonnement” zo te lezen dat er ook sprake is van een abonnement in het geval van een incidenteel vervoerbewijs.
Volgens mij heb je bijdrage 52 niet goed gelezen. Het is namelijk precies andersom: Uit de definitie van 'abonnement' volgt dat een abonnement een 'vervoerbewijs' is. Waar men het in de verordening heeft over 'vervoerbewijs' wordt dus onder meer op abonnementen gedoeld, tenzij expliciet wordt vermeld dat het alleen over andere soorten vervoerbewijzen gaat.
Nu ben ik geen jurist maar ik lees in Artikel 17 toch echt niet dat abonnement houders uitgesloten zijn van een vergoeding. Wat volgens mij staat in Artikel 17 is dat je als reiziger een aantal rechten hebt indien er sprake is van vertraging in bepaald orde. Tevens is vermeld dat Abonnementhouders extra rechten hebben (dus boven op de normale regeling voor vertraging) als zij regelmatig geconfronteerd worden met vertraging of uitval. Ze kunnen dan ook een vergoeding claimen. Naar mijn idee kan je dus als abonnement houder die structureel 15 minuten vertraging heeft het hele jaar op basis van dit artikel een claim indienen.

Er is nergens vermeld dat de normale vergoeding niet voor abonnementhouders gelden. Verder zie ik ook niet staan dat, omdat er geen uitsplitsing is in Artikel 16 tussen abonnementhouders en incidentele reizigers, deze dus niet geldt voor Abonnementhouders. Dit zou naar mijn idee ook heel raar zijn: Alsof je in de verkeerswet gaat zeggen dat, omdat er een paar artikelen zijn waarin motoren specifiek benoemd worden, alle artikelen waarin motoren niet genoemd worden niet gelden voor motoren. Ook daarin is een algemene term 'Bestuurder (of zoiets)' opgenomen wat voor iedereen geldt. Ik zie in de Europese verordening de term 'Reiziger' dan ook als de verzamelnaam voor alle soorten reizigers in zijn alle artikels in principe van toepassing op alle reizigers tenzij expliciet vermeld dat ze dat niet zijn.

De argumentatie van Tom zou namelijk ook inhouden dat overal waar verwezen wordt naar 'reiziger' dit niet geldt voor abonnementhouders. In de verordening wordt 158 keer de term reiziger genoemd, gelden al deze artikelen niet voor abonnementhouders?
Reputatie 3
Badge
I Dit volgt uit de opzet en systematiek van artikel 16 en 17 van de Verordening. In de Verordening en zo ook in artikel 17 van de Verordening wordt een expliciet onderscheid gemaakt tussen incidentele vervoerbewijzen en abonnementen. Dit onderscheid wordt niet gemaakt in artikel 16, dat in de volgorde vóór artikel 17 komt. Uit deze wetsystematiek volgt dat artikel 16 niet van toepassing is abonnementen. Als de wetgever hier wél voor had gekozen, dan zouden abonnementen expliciet worden genoemd in artikel 16, net zoals in artikel 17. Dit is echter niet het geval. De Europese Commissie heeft er bewust voor gekozen dit niet te doen.

Als ik het goed begrijp geldt dus: als in artikel n geen onderscheid gemaakt tussen (twee) groepen, en in artikel n+1 wel, moet hieruit geconcludeerd worden dat artikel n slechts van toepassing is op de eerste van de (twee) groepen die in artikel n+1 onderscheiden worden. Als dat de logica van de wetssystematiek is, ben ik blij dat ik geen jurist ben. . .


Voor normale mensen lijkt de logische interpretatie me dat artikel n dan geldt voor ALLE gevallen, en artikel n+1 onderscheid maakt. Inhoudelijk zou dat ook logisch zijn. Artikel 16 gaat over alternatieven die ELKE reiziger geboden krijgt, en wel ONMIDDELLIJK, te weten (populair geformuleerd): terugbetaling van het bedrag evenredig aan het niet gemaakte deel van de reis, verder reizen (al dan niet langs alternatieve route) bij de eerstvolgende gelegenheid of verder reizen (al dan niet langs alternatieve routes) zodra het de reiziger schikt.

Artikel 17 zegt vervolgens dat ALS NIET IS TERUGBETAALD, de reiziger recht heeft op schadevergoeding. Dan pas komt het onderscheid tussen houders van incidentele vervoerbewijzen en abonnementhouders. Van incidentele vervoerbewijzen kun je (relatief) gemakkelijk de prijs vaststellen en berekenen op welke vergoeding je recht hebt.

Waar nu naar mijn idee nog een addertje zit is de passage daarna, die stelt dat abonnementhouders recht hebben op een schadevergoeding ALS ZE HERHAALDELIJK LAST HEBBEN van vertraging of uitval. Je zou daaruit kunnen concluderen dat abonnementhouders geen recht hebben op schadevergoeding als ze INCIDENTEEL last hebben van vertraging of uitval, maar zelfs in dat geval blijft naar mijn idee artikel 16 gelden (maar daarover zijn de juristen van NS het dus niet met ons eens). En in artikel 16 staat dat je meteen je geld kunt terugvragen, of van een van de alternatieven gebruik kunt maken. Dit nog afgezien van de interpretatie van marv87, dat je die zinsnede over abonnementhouders ook zou kunnen lezen als een EXTRA recht dat zij hebben BOVENOP dat van houders van een incidenteel vervoerbewijs (hoewel ik dat eerlijk gezegd persoonlijk niet zo'n logisch verhaal vind).

In het verlengde daarvan is me niet duidelijk hoe we de zinsnede "waarvoor het vervoerbewijs niet overeenkomstig artikel 16 is terugbetaald" uit artikel 17, lid 1 moeten begrijpen. In artikel 16 heb je drie opties, waarvan terugbetaling er eentje is. Als je nu een van die andere twee opties kiest is er dus niet terugbetaald; heb je dan alsnog recht op schadevergoeding op basis van artikel 17 ?

Is dit ooit al eens door juristen van de reizigersorganisaties uitgezocht?
Graag hoor ik hoe ik in aanmerking kom voor de restitutie waar ik volgens Europese regelgeving recht op heb. Ik ben in het bezit van een Traject Vrij abonnement en de reis die ik had willen maken betreft het afgekochte traject.

Hoi Theofiel, als je niet al geld terug gekregen hebt: stuur me even je gegevens en we vergoeden graag de kosten voor het afgekochte traject. Daar is immers voor betaald, die reis heb je niet kunnen maken, dus die moeten we vergoeden. Sorry voor de verwarring en dat in alle discussie het eigenlijke antwoord op je vraag verloren is gegaan.
Hessel, komt er ook een structurele oplossing? Want je collega's wijzen claims af wanneer er niet gereisd kan worden en bij de reiziger is daar onvrede over.

De voorwaarden moeten duidelijker en de manier waarom aanspraak gemaakt kan worden moet ook verbeterd worden (vermelden op de website/een formulier naast de GTBV).

Hopelijk kan er een team opgezet worden die hierover nadenken, het zou mooi zijn om er ook reizigers bij te betrekken.
Reputatie 7
Badge +3
Wanneer en hoe kan men een beroep op dit artikel 6.1 van de algemene voorwaarden?

Dit ivm de situatie dat er een groot deel van afgelopen vrijdagmiddag geen treinen reden tussen Delft Zuid/Delft en Den Haag wegens een aanrijding met een persoon. Op de storingspagina werd geen advies tot omreizen gegegen, geen advies vanuit NS om tram 1 van Delft naar Den Haag HS te gebruiken (dus voor eigen kosten) en er reden geen bussen.

Er reden wel sprinters vanaf Delft Zuid naar Roosendaal en Breda en er werden wat onzinnige en onjuiste reisadviezen via de reisplanner gegeven, zoals sprinter van Delft Zuid naar Schiedam en vandaar weer een sprinter terug naar Den Haag CS alleen reed die sprinter voorzover ik kan zien vanuit Schiedam maar tot Delft Zuid. Of sprinter van van Delft Zuid naar Rotterdam, daar de Thalys nemen naar Schiphol (wel even reserven en ongetwijfeld extra betalen) en dan via Leiden naar De Vink.
Zelf zat ik te denken om via Rotterdam en Gouda naar Den Haag of Leiden te gaan en vandaar de sprinter naar De Vink te nemen, maar omdat dit geen omreisadvies van de NS was, zou ik bij controle wellicht bekeurd worden (heb een Traject Vrij Delft Zuid - De Vink).
Of maar weer naar station Delft ipv Delft Zuid fietsen en dan toch maar de tram naar Den Haag HS te nemen, wel eerst even inchecken bij de NS op Delft en weer uit op De Vink om een geldige in-en uitcheck te hebben voor een GBTV.

Uiteindelijk ben ik helemaal niet met de trein terug naar huis gegaan maar kon gelukkig meerijden met een collega die in Voorschoten dicht bij station De Vink woont. Nu moet ik alleen maandagochtend extra kosten maken om in Delft van het station naar mijn werk te komen, aangezien mijn fiets nu nog in de fietsenstalling op werk staat (wordt dan of een bus vanaf station Delft of de elektrische tuk-tuk vanaf Delft Zuid).

Ik heb dus geen geldige check-in en check-uit aangezien ik niet op het station geweest ben, en kan daarom geen GTBV indienen. Met mijn Traject vrij heb ik een afgekocht reisrecht maar heb hier geen gebruik van kunnen maken om naar huis te komen.
Kom ik wel in aanmerking voor terugbetaling van een deel (1/365?) van mijn abonnement.
Reputatie 7
Badge +3
Het was trouwens al de 3e keer deze week dat er problemen waren.
Woensdag reden er rond de tijd dat ik wilde vertekken 3 opeenvolgende sprinters niet van Delft Zuid naar Den Haag vanwege een seinstoring bij Dordrecht en ben ik maar naar Delft gefietst in de hoop dat daar nog wel wat IC's vetrokken. De eerste IC die vertrok was die van 18.04 naar Lelystad, al had deze 5 minuten vertraging waardoor ik op Laan van NOI mijn aansluiting op de sprinter miste.
En donderdag reden de sprinters wel bijna allemaal, maar alleen vanaf Dordrecht en precies die ene die ik wilde hebben, die van 17.27, reed niet waardoor ik mijn aansluiting miste en 30 minuten later thuis was.
Wanneer en hoe kan men een beroep op dit artikel 6.1 van de algemene voorwaarden?

Wanneer: bij een (verwachte) vertraging van 60 minuten of meer
Hoe: hier is de NS erg schimmig over, voorheen wilde een moderator dit nog wel eens toepassen, inmiddels lijkt men in dit geval nog slechts door te verwijzen naar de andere communicatiekanalen van de klantenservice.

Kom ik wel in aanmerking voor terugbetaling van een deel (1/365?) van mijn abonnement.

U hebt recht op terugbetaling van 1/250e deel van uw abonnementsgeld.

Reageer